|
|
![]() |
|
9-11-2001 Utrechts Nieuwsblad
Anka van Voorthuijsen Het huis staat voor bijna vier miljoen gulden te koop en jawel, voor dat geld krijg je inderdaad een gouden kraan! Eentje trouwens maar, te vinden in het voor de rest doodnormale en sobere toilet. "En hij is wat vlekkerig", zegt de bewoonster er direct openhartig bij. "Ik maak 'm schoon met van dat anti-kalkspul en blijkbaar kan goud daar niet tegen". Bezoek de droomhuizen van Nederland en je staat versteld van de soberheid. "Calvinisme", zegt Wim Graal, makelaar bij Kamerbeek en specialist in de sector exclusief wonen. "Als je goud en glitter zoekt dan moet je naar Brasschaat in België, daar vliegt het marmer je om de oren". "Moet je in Frankrijk kijken", zegt Martine Heijnen van het Nederlands Architectuur Instituut in Rotterdam. "Daar hebben die chique landhuizen 25 badkamers. In Nederland gaat de luxe bij die oude huizen vaak niet verder dan een bordenwasmachine". Bij het NAi is op dit moment een tentoonstelling gewijd aan de mooiste huizen particuliere woonhuizen van de afgelopen 200 jaar in Nederland. Er zitten inderdaad wat van die kastelen en suikergoedpaleisjes tussen, maar het merendeel van de opdrachtgevers heeft het relatief eenvoudig gehouden. Hun droomhuizen staan wel allemaal op prachtige plekken: op een duin, aan de rand van een bos, aan het water: een mooie locatie is veel belangrijker dan een gouden kraan. Het enige echte droomhuis van Nederland is een echt sprookjespaleis: kasteel De Haar in Haarzuilens. Dat heeft de protserigheid die je wellicht van de allerrijksten verwacht. De architect, P.J.H. Cuypers, tekende zowel het huis als allerlei details voor het interieur. Hij ontwierp sleutels, bestek, glaswerk met het familiewapen, het patroontje op het behang, het motief van de parketvloeren en ook een 'logement voor de fazanten'. De hele rijken deelden hun weelde met hun huisdieren, blijkt op de expositie in Rotterdam. De eenden van Villa Gooilust in Bussum woonden ook 'onder architectuur': in een door A.C. Bleijs ontworpen onderkomen. Piet Blom ontwierp voor de duiven van zijn Amersfoortse opdrachtgever een mini-Russisch paleisje, met ui-vormige toren op de luxe til. Rijkdom zit 'm in Nederland vaak in het hebben van veel ruimte. Het duurste huis dat op dit moment in de stad Utrecht te koop staat heeft een vraagprijs van 3,1 miljoen gulden. En het is niet eens vrijstaand, maar een 'twee-onder-één-kapper'. Aan het Wilhelminapark, dat wel. De mooiste buurt van Utrecht, zeggen zowel makelaars als bewoners als heel erg veel minder draadkrachtigen die er nooit zullen wonen. Een wijk met veel groen, een oud stadspark en monumentale huizen. Op tien minuten fietsafstand van Centraal Station Nederland, Utrecht CS. Een paleisje? Welnee. Vier ruime verdiepingen, veel glas in lood, brede gangen en een ruime vestibule. Elf grote kamers, dat wel. De meeste hebben een fraaie hardstenen schouw en overal ligt eiken visgraat parket op de vloer. Maar sinds het huis in 1907 werd opgeleverd is er nauwelijks gemoderniseerd, dus daar moet nog wel voor een paar ton een aannemer in. De bijna verteerde verduisteringsgordijnen uit de oorlog hangen op zolder nog overal voor de ramen. "Maar er is dus ook niks aan verpest", prijst verkopende makelaar T. Gerritsen dit "unieke object" aan. En het huis (400 vierkante meter woonoppervlakte) staat op een perceel van 570 vierkante meter, in een buurt met een parkeerprobleem. "De mensen die dit zullen kopen hebben natuurlijk niet één auto", weet Gerritsen zeker. "En hier zetten ze zo vier auto's weg op eigen terrein. Een gezinsauto, een wagentje voor mevrouw, en dan nog een cabrioletje en een oldtimertje in de garage". Een droomhuis betekent voor iedereen wat anders. Voor het echtpaar Van der Kamp was het 28 jaar geleden een volledig vervallen boerderij aan de dijk in Haastrecht, met drie hectare grond. "Buiten wonen" was toen nog geen fel begeerd goed, zoals nu. Vrienden verklaarden hen voor gek. "Maar mijn droom was vrijheid", zegt de vrouw des huizes. "We woonden in een rijtjeshuis in Pijnacker en op een gegeven moment zei de buurvrouw me niet eens meer gedag. Tot ze over de schutting keek en hysterisch naar mijn houten kleppers wees en gilde 'dát zijn de boosdoeners!' Het eerste wat ze deed toen ze was verhuisd was heerlijk keihard naar de kinderen buiten roepen. "Zalig. Niemand die er last van had". Haar echtgenoot had destijds een drukke baan als manager in een ziekenhuis. Zijn droom kwam ook uit: "Ik had op mijn werk altijd een hoofd vol zorgen. Als ik hier kwam pakte ik de schoffel en dan was ik alles kwijt". In 28 jaar tijd maakten ze van een bouwval een plattelandsparadijs. Met sfeervolle grote woonkeuken, een gigantische huiskamer in de voormalige deel, het zomerhuis werd atelier, alles werd aangepakt. Drie jaar geleden was de opkamer als laatste project aan de beurt. Twee van de drie hectare grond werd tussentijds verkocht om de verbouwing te kunnen bekostigen. Ze woonden maandenlang in de kelder, poepten op een 'huuske' buiten, douchten onder de tuinslang in de tuin. "Er was één wastafeltje met een koudwaterkraan". Nu is er dus die gouden kraan op het toilet. "Een grapje. Onze dochter werkt in de jachtenbouw en deze was kapot en over. Toen mochten wij 'm hebben". Het is vooral het uitzicht over de weilanden en de polder, de sloten die over hun terrein lopen, die dit tot hun droomhuis maken, zeggen beiden. "Schaatsen rondom het huis, rommelen met een roeiboot, het was fantastisch". En zelfs dat is betrekkelijk: "Onze zoon had het hier fantastisch, al die ruimte. Van onze dochters hebben we achteraf wel gehoord dat ze het toch heel erg hebben gemist dat er geen andere kinderen dichtbij woonden". En ook hier: soberheid troef. De badkamer is weliswaar groot, maar gewoon betimmerd met hout, geen tierelantijntje te vinden. De keuken is wit en praktisch: "makkelijk schoon te houden. Dat vind ik luxe". Her en der op het enorme terrein zijn zitjes, altijd is hier ergens zon, schaduw, uitzicht op water of de polder, naar believen. Maar nergens staat trendy tuinmeubilair of duur teakhout, het zijn allemaal gewone oude banken "die lekker zitten". Bijna drie decennia werd er geklust. De bouwval die toen 158.000 gulden kostte, staat nu voor bijna vier miljoen te koop. De kinderen zijn het huis uit, de eigenaars gaan kleiner wonen. Het huis is áf, zeer stijlvol gerestaureerd en een plaatje. "Er zal wel weer een jong gezin in komen", denkt zij. "Maar die hebben toch geen tijd om te schoffelen", werpt hij tegen. "Dat láten ze doen", weet makelaar Wim Graal. "Alles is te koop". Neem die mensen die een droomhuis neer lieten zetten op een stuk grond aan de rand van de Heuvelrug: wel geld, geen ideeën. "Ze hebben het huis door Jan des Bouvrie laten ontwerpen, en Des Bouvrie heeft het ook helemaal ingericht. Ze hebben er zes jaar gewoond en nu zijn ze nog rijker. Was het in verband met de belastingen toch beter om naar België te verkassen, zei hun financieel adviseur. Die gaan naar Brasschaat". Of die mensen die een nieuwbouw droomhuis neer lieten zetten en toch wat misten: "Die hebben een complete kamer uit een kasteel gekocht en dat met alle meubilair en lambrizering naar hun nieuwe huis laten importeren". |